De opzegtermijn is voor alles een rem op ontslag


De enig goede opzegtermijn is deze welke voor een werkgever voldoende zwaar is zodat reëel gezocht wordt naar alternatieven vooraleer tot ontslag over te gaan.


Een cijfer om bij stil te staan: in 2009 waren 80% van de gegeven ontslagen arbeiders. Terwijl de arbeiders een minderheid van de actieve beroepsbevolking uitmaken. Er zijn inderdaad sectoren die meer dan anderen geraakt worden door de crisis. Maar dat verantwoordt deze grote verschillen niet. Als arbeiders massaal door ontslagen worden getroffen is dat ook omdat hun opzegtermijnen schandalig laag zijn.


Wat wij willen zijn gelijke regels betreffende opzegtermijnen voor bedienden en arbeiders. Maar voor alles moeten werkgevers trachten ontslagen te vermijden.

Het ACV-voorstel van 1 maand opzeg per begonnen dienstjaar (met een minimum van 3 maanden) is eenvoudig, objectief (enkel de ondernemingsanciënniteit is bepalend) en verbetert de situatie van quasi iedereen, in allereerste plaats de arbeiders.


Ja maar …
Er zijn toch situaties dat ondernemingen niet anders kunnen dan ontslaan?
Dat is waar. Al toont het voorbeeld van Inbev aan dat gigantische winsten en de wil tot ontslagen toch hand in hand kunnen gaan, volgens een bepaalde economische logica. Maar economische moeilijkheden moeten geen uitverkoop van de opzegtermijnen betekenen:

  • eerst en vooral omdat ons sociaal recht zeer veel flexibiliteit mogelijk maakt, liefst met een onderhandelde bescherming voor werknemers. Denken we maar aan de mogelijkheden van interim, overuren, tijdelijke werkloosheid, tijdkrediet, verdeling van arbeid …
    Het Belgisch sociaal model voorziet meestal in dat sociaal overleg over interne flexibiliteit. De werkgevers wensen echter een nog grotere interne flexibiliteit en vooral een zeer grote “externe flexibiliteit” door korte en goedkope opzegtermijnen.

  • maar ook omdat in een goed beheerde onderneming de opzeg geen extra kost is of hoeft te zijn. Tijdens een normale opzegtermijn worden nog prestaties geleverd zodat tegenover elke betaalde euro ook prestaties staan.



Het grootste deel van de Belgische werknemers, nl. de bedienden en kaderleden, genieten momenteel van opzegtermijnen die fors hoger zijn dan wat nu door de werkgevers wordt voorgesteld. Hen wil men nu rechten ontnemen, zgn. wegens de kostprijs. Als de normale opzegtermijnen een totaal ondraagbare kost zouden zijn zouden dan niet alle dienstenbedrijven al lang failliet zijn?